Het moestuinseizoen is een seizoen van overvloed. In de late lente, de zomer en vaak ook de herfst kun je veel oogsten en genieten van al het lekkers uit de tuin. Soms oogst je zelfs zo veel, dat je niet weet wat je moet doen met al die oogst. Na het moestuinseizoen heb je vervolgens helemaal niet zo veel oogst en moet je het meer doen met de restjes en wat je in de supermarkt kunt kopen. Tenzij je leert je oogst te conserveren.
Wie ooit enthousiast een paar goed groeiende courgetteplanten heeft gehad, weet als geen ander hoe het is om een overvloed aan oogst te hebben. Je kunt immers zelf maar een bepaalde hoeveelheid courgettes eten in één oogstperiode. Wat doe je met die andere courgettes? Weggeven misschien, of er soep van maken en invriezen. Er zijn echter nog veel meer conserveringsmethodes dan invriezen, die vaak ook nog eens een stuk duurzamer zijn.
Meer leren over je eten conserveren? In onze nieuwe special lees je er alles over!
Volgens Olga Kroes, beheerder van de Warmoezerij in Breda en docent van de workshop ‘Conserveren kun je leren…!’ bij de Volksuniversiteit van Breda, zijn er tal van manieren om voedsel te conserveren. Eten conserveren is niet per se moeilijk volgens Olga, maar het is wel een manier van denken. “Veel mensen beginnen erg impulsief aan het conserveren van eten, maar dit is niet iets dat je even doet. Het is een soort levensstijl. Je begint er ook niet pas in december, na de oogst mee. Nee, het begint al in maart”, vertelt Olga. Ze legt uit dat, zodra je begint met oogsten, je moet gaan nadenken over wat je met die oogst kunt doen. Eet je de oogst meteen op, of wil je hem bewaren en, in het geval van dat laatste, hoe wil je hem bewaren? “Het belangrijkste is dat je er de tijd voor hebt en dat je ook bereid bent om die tijd in het conserveren te steken.”
Het is volgens Olga niet moeilijk om te beginnen met conserveren. Er zijn heel veel methodes waar je goed mee kunt starten. Het is vooral belangrijk dat je goed weet welke methode bij welke oogst past. “Veel fruitsoorten zijn bijvoorbeeld erg geschikt om te drogen, maar tomaten zijn dan weer moeilijker. Die worden snel zwart en krijgen dan een vieze smaak. Tomaten drogen duurt ook heel erg lang. Zeker als je net begint en je gewoon je oven gebruikt, kun je beter met de wat makkelijkere soorten beginnen.”
Ook wecken is volgens Olga een prima manier om mee te beginnen. Er komt net wat meer kijken bij het wecken van voedsel, maar het is nog steeds een makkelijke manier om eten te bewaren. Daarbij kun je nagenoeg alles wecken. Voor welke methode je ook kiest, het is goed om te bedenken dat iedere conserveringsmethode ook iets doet met de smaak van het eten. “Het is dus ook uitproberen wat je lekker vindt en wat goed bij jou past.”

Een favoriet van Olga is drogen, omdat het vaak erg makkelijk is. “Kruiden kun je gewoon in bosjes in een droge, warme en goed geventileerde ruimte ophangen. Ze drogen dan vanzelf uit, waarna je ze jaren kunt bewaren.” Een groot voordeel van je kruiden op die manier drogen, is dat het geen extra energie kost en dus een erg milieuvriendelijke manier is. Wil je ook ander voedsel drogen, dan kun je beginnen met een oven. “Belangrijk is dan wel dat je oven op een lage temperatuur kan en dat hij goed ventileert, zodat het vocht dat uit het eten trekt niet rondcirkelt in de oven.”
Als je met je oven gaat drogen, zet je hem op zo’n 60 ⁰C en droog je meestal zo’n 5 tot 6 uur. Dat is natuurlijk ook afhankelijk van wat je droogt. Soms zal je oven wat langer aan moeten staan. Appels zijn volgens Olga een goede fruitsoort om te beginnen met drogen. Ook wortels, mais, uien, paprika en courgettes zijn goede groenten om te drogen. Olga maalt veel van die groenten fijn tot een poeder, waarna ze vervolgens een goede basis heeft voor bijvoorbeeld sauzen. Ook kun je hier heerlijke bouillon van maken. Gekookte rijst of aardappelpuree kun je ook erg goed drogen. “Als je daar dan later weer wat heet water overheen giet, kun je het direct eten.”
Omdat Olga veel van haar eten droogt om langer te bewaren, heeft zij een speciale voedseldroger. “Die koop je pas als je merkt dat je conserveren leuk vindt en je het echt wilt blijven doen natuurlijk”, legt ze uit. “Voedseldrogers zijn niet goedkoop, maar je kunt ze wel tweedehands via bijvoorbeeld Marktplaats voor een redelijk goede prijs vinden.”
Ook wecken is volgens Olga een goede manier om te beginnen met conserveren. Bij deze techniek gebruik je weckpotten. Hierin doe je je oogst naar keuze en de pot vul je met water. Vervolgens zet je de weckpotten in een speciale weckketel, of in een ruime pan. Als je een pan gebruikt, is het belangrijk dat je een theedoek onderin legt, zodat de potten niet kapot gaan tijdens het koken. Vul de pan met water tot onder de rand van de deksels van de potten en breng het water aan de kook. Je laat de potten minimaal 30 minuten koken, hierdoor trekken de deksels vacuüm. Later laat je de potten in het water een tijdje afkoelen, waarna je ze er voorzichtig uit haalt en in de kast kunt zetten.
Online zijn er vaak waarschuwingen over botulisme als het gaat over wecken. Olga: “Als je hygiënisch te werk gaat en gewoon je gezonde verstand gebruikt, is er niet zo snel iets aan de hand hoor. Je moet ervoor zorgen dat al je materiaal echt goed schoon is en dat je het goed verhit. Merk je na het wecken dat het dekseltje bol staat, dan is er iets niet goed gegaan en kun je de inhoud van de pot beter weggooien.”

Tijdens haar workshop geeft Olga ook veel aandacht aan het fermenteren van eten. “Omdat het nu ook erg populair lijkt”, vertelt ze. Fermenteren is echter niet de meest makkelijke methode om eten te conserveren. “Hygiëne is heel belangrijk bij het fermenteren. Als er verkeerde bacteriën in het mengsel komen, mislukt het.” Er gaat dus wat meer werk in het fermenteren van voedsel zitten. Wel is gefermenteerd voedsel heel erg goed voor je gezondheid.
Er zijn nog tal van andere methodes om te conserveren, we zouden er een boek over kunnen schrijven. “Je kunt jam maken of sap trekken, maar je kunt ook kruiden of fruit op bijvoorbeeld azijn zetten. Zet bijvoorbeeld wat gekneusde rozemarijn in een potje witte wijnazijn en je hebt een heerlijke smaakmaker voor salades. Je kunt ook eten op olie zetten of fruitleer maken”, vertelt Olga. De mogelijkheden zijn haast eindeloos.
Zwarte randjes onder de nagels zijn normaal voor Tess Mutsters. Als journalist en enthousiast tuinier schrijft ze over alles wat groeit en bloeit. Tess is de bruisbal van ons team en houdt zelf ook van een tuin die bruist van het leven; waar vogels, bijen, vlinders en andere insecten hun plek vinden. Ook in haar moestuin voelt ze zich thuis en experimenteert ze graag met verschillende gewassen. Kattenstaart is haar favoriete plant, aardappelen haar favoriete gewas.
Laat een reactie achter